Como quien hiende y rompe la tierra, son esparcidos nuestros huesos a la boca del Seol.
Zoals men de aarde doorploegt en openscheurt, zo zijn onze beenderen verstrooid aan de mond van het dodenrijk.
Entonces vuestro pacto con la muerte será anulado, y vuestro convenio con el Seol no prevalecerá. Cuando pase el torrente arrollador, seréis aplastados por él
Ik zal uw verbond met de dood en het dodenrijk tenietdoen, zodat u in de grond wordt gestampt als de vijand uw land binnenstormt.
Es más profundo que el Seol; ¿qué puedes tú saber?
Dieper dan de hel, wat kunt gij weten?
Los buenos van al Seol.
Goede mensen gaan naar de hel.
6 Me rodearon las ligaduras del Seol; me confrontaron los lazos de la muerte.
Banden van het graf omringden mij, valstrikken van de dood bedreigden mij.
6 Haz, pues, conforme a tu sabiduría, y no permitas que sus canas desciendan al Seol en paz.
Doe dan naar uw wijsheid, dat gij zijn grauwe haar niet met vrede in het graf laat dalen.
Oh Seol, donde está tu victoria?
Hel, waar is uw overwinning?
Sus pies descienden a la muerte; sus pasos se precipitan al Seol
Zij volgt een weg die naar de dood leidt, haar voeten brengen haar rechtstreeks naar de hel.
18 Y será anulado avuestro pacto con la muerte, y vuestro acuerdo con el Seol no permanecerá; cuando pase el azote arrasador, seréis por él hollados.
En uw verbond met de dood zal niet nietig verklaard worden, en uw overeenkomst met hel zal geen stand houden; wanneer de overvloeiende gesel zal passeren, dan zult gij vertreden worden door haar.
Tu ostentación y el sonido de tus liras han sido derribados hasta el Seol. Los gusanos serán tu cama debajo de ti, y las larvas tus cobertores.
Uw hovaardij is in de hel nedergestort, met het geklank uwer luiten; de maden zullen onder u gestrooid worden, en de wormen zullen u bedekken.
Y no saben que allí están los muertos; Que sus convidados están en lo profundo del Seol.
Maar hij weet niet, dat aldaar doden zijn; haar genoden zijn in de diepten der hel.
16 A la profundidad del Seol descenderán, Y juntamente descansarán en el polvo.
Nederwaarts in het graf zal zij varen, zij zal met mij in het stof liggen. Job 18
Entonces vuestro pacto con la muerte será anulado, y vuestro convenio con el Seol no prevalecerá. Cuando pase el torrente arrollador, seréis aplastados por él.
En ulieder verbond met den dood zal te niet worden, en uw voorzichtig verdrag met de hel zal niet bestaan; wanneer de overvloeiende gesel doortrekken zal, dan zult gijliedenvan denzelven vertreden worden.