Any variable can be classified as being either a free variable or a bound variable.
Variabelen kunnen worden onderverdeeld in twee hoofdgroepen. Men onderscheidt de vrije variabele en de gebonden variabele.
Other results
A formula of the predicate calculus is in prenex normal form if it is written as a string of quantifiers and bound variables, called the prefix, followed by a quantifier-free part, called the matrix.
Een wiskundige formule uit de predicatencalculus is in de prenex-normaalvorm als ze geschreven is als een reeks kwantoren, gevolgd door een kwantorloos deel, de matrix genaamd.
There are three kinds of reduction: a-conversion: changing bound variables (alpha); β-reduction: applying functions to their arguments (beta); n-conversion: which captures a notion of extensionality (eta).
We onderscheiden 3 types van reductie: a-conversie: het veranderen van gebonden variabelen; β-reductie: het toepassen van een functie op zijn argumenten: n-conversie: legt de notie van extensionaliteit vast.
In eager evaluation, an expression is evaluated as soon as it is bound to a variable.
Bij strikte evaluatie wordt een expressie uitgerekend zodra deze wordt toegekend aan een variabele.
On the other hand, we cannot change the value bound to a variable.
Daarentegen kunnen we de waarde van een variabele niet veranderen als deze is verbonden met een waarde.
Variables can also be bound to other variables
Variabelen kunnen ook verbonden worden met andere variabelen
Select a variable in the Variables panel, and choose Select Bound Object from the Variables panel menu.
Selecteer een variabele in het deelvenster Variabelen en kies in het deelvenstermenu de optie Gebonden object selecteren.
To select all dynamic objects, choose Select All Bound Objects from the Variables panel menu.
Als u alle dynamische objecten wilt selecteren, kiest u Alle gebonden objecten selecteren in het menu van het deelvenster Variabelen.
If the variable is bound to an object, then the Objects column displays the name of the bound object as it appears in the Layers panel.
Als de variabele aan een object is gekoppeld, wordt in de kolom Objecten de naam van het gekoppelde object weergegeven zoals dit wordt weergegeven in het deelvenster Lagen.
These peptides contain a peptide scaffold bound to a variable loop region (5-20 residues long), which contains different amino acid sequences.
Deze peptides bevatten een peptide steiger verbindend aan een veranderlijk lijngebied (5-20 lange residu's), dat verschillende aminozuuropeenvolgingen bevat.
If you delete a variable that is bound to an object, the object becomes static (unless the object is also bound to a variable of a different type).
Als u een variabele verwijdert die is gekoppeld aan een object, wordt het object statisch (tenzij het object ook is gekoppeld aan een variabele van een ander type).
We should consider all variables as we move forward, because things are bound to get... complicated.
We moeten alle variabelen overwegen als we verder gaan omdat de dingen anders zeker ingewikkeld zullen worden.
We should consider all variables as we move forward, because things are bound to get... complicated.
We moeten alle variabelen in ogenschouw nemen, al doende want het kan allemaal nogal ingewikkeld worden.