Describing his reaction as calm was an understatement; he was furious.
Zijn reactie als rustig omschrijven was een understatement; hij was woedend.
Saying he was a little tired was an understatement after his marathon.
Zeggen dat hij een beetje moe was na die marathon is wel een understatement.
To say I enjoyed it immensely would be an understatement.
Calling the traffic bad is an understatement; it was a nightmare.
Het verkeer slecht noemen is een understatement; het was gewoon een nachtmerrie.
Describing the city as crowded is an understatement; it's packed all day.
De stad druk noemen is een understatement; het is er de hele dag stampvol.
Calling the concert fun is an understatement; it was unforgettable.
Zeggen dat het concert leuk was, is een understatement; het was onvergetelijk.
To say that this is not ideal would be an understatement.
Zeggen dat dit niet ideaal is, zou een understatement zijn.
Over the stairwell is poorly maintained and that is an understatement...
Boven het trappenhuis is slecht onderhouden en dat is een understatement...
To say I'm concerned about you is such an understatement.
Zeggen dat ik me zorgen maak, is 'n understatement.
Sylvette, always too much trouble, c is an understatement...
Sylvette, altijd te veel moeite, c is een understatement...
I'd say this visit is unexpected but I despise understatement.
To say you're a long way from home is an understatement.
Zeggen dat je een eind weg bent van huis is een understatement.
To say this is urgent would be a gross understatement.
Om te zeggen dat dit urgent is, is een enorm understatement.