Wir wissen noch nicht, um was für einen Notfall es sich handelt.
Er is nog steeds niet bekend om wat voor noodgeval het gaat.
Sie haben angerufen, dass es einen Notfall gegeben hätte.
Jullie beiden me en zeiden dat er een noodgeval was.
An einem Tag, wird ein Notfall durch diese Türen kommen.
Dat er op een dag een spoedgeval door die deuren komt...
Ich hatte einen Notfall auf der Arbeit, der nicht warten konnte.
Ik had een spoedgeval op het werk dat niet kon wachten.
Es wird nicht vorkommen, aber sollte ein Notfall eintreten...
Het zal niet voorkomen, maar als we een noodgeval hebben...
Du bist eigentlich der einzig mögliche Notfall und du lebst.
Jij bent het enige mogelijke noodgeval en je leeft nog.
Das ist ein Notfall, und es kann jeden einzelnen von uns treffen.
Luister, dit is een noodgeval, en het kan iedereen hier aanbelangen.
Español ist normalerweise meins, aber im Notfall teile ich es.
Spaans is meestal mijn ding, maar in dit noodgeval deel ik wel.
Mache ich normalerweise nicht, aber das war ein Notfall.
Dat doe ik normaal niet, maar dit was een noodgeval.
Ich muss dich bitten mit mir zu kommen, es ist ein Notfall.
Annie, kom even met me mee, het is een noodgeval.
Ein Gel für den absoluten Notfall habe ich trotzdem immer dabei.
Een gel voor een absoluut noodgeval neem ik wel altijd mee.
Aber wenn es ein Notfall ist, können wir Ihnen helfen.
Maar als het een noodgeval is, kunnen wij u wel helpen.
Man ist nicht immer zu Hause, wenn ein Notfall eintritt.
Je bent niet altijd thuis als er een noodgeval is.