Download for Windows Premium
Publiciteit
Build
/bɪld/
Build gardens, theatres and pubs for the people's amusement.
Het bouwen van tuinen, theaters en cafés voor volks vermaak.
Build a bunker, stock up on supplies, change our names.
We bouwen een bunker, slaan eten in en veranderen onze naam.
Build a bomb, give it to the world and get drunk.
Maak een bom geef het aan de wereld en word dronken.
Build a page that says the site's down for repair.
Maak een pagina en zeg dat de site hersteld wordt.
Build cabins and pavilliond that will attract guests to your resort.
Bouwen hutten en pavilliond die gasten naar je resort zal aantrekken.
Build and develop your city in order to improve your army.
Bouwen en ontwikkelen van uw stad om je leger te verbeteren.
Build your wireless network to suit you - size is no issue.
Bouwt u uw draadloze netwerk uit, de grootte speelt geen rol.
You do a few little jobs first, Build a reputation.
Je doet eerst wat klussen, bouwt een reputatie op.
Build turrets as fast as you can to protect your stronghold.
Bouwen torentjes zo snel als je kunt om uw vesting te beschermen.
Build structures out of hujos by dragging them into place.
Structuren bouwen van hujos door ze te slepen op zijn plaats.
Build a custom app that includes the fonts you're referring to.
Maak een aangepaste app met de lettertypen waarnaar u verwijst.
Build scalable, globally available apps and websites to delight your customers.
Maak uw klanten blij met schaalbare, wereldwijd beschikbare apps en websites.
Build houses, cities and everything your imagination can do.
Te bouwen huizen, steden en alles wat uw verbeelding kan doen.
Er zijn geen resultaten gevonden voor deze term.

Uitdrukkingen met Build: voorbeelden en bijbehorende vertalingen in het Nederlands

build up v.
opbouwen · uitbreiden
"They plan to build up the new park area."
build up someone's hopes v.
iemand hoop geven
"Don't build up her hopes if you can't deliver."
build up to v.
opbouwen naar · geleidelijk voorbereiden op
"The music builds up to a dramatic finale."
! build a nest egg v.
een appeltje voor de dorst opbouwen
"They worked hard to build a nest egg for retirement."
build in v.
inbouwen · integreren
"The architect will build in a new staircase."
build on v.
voortbouwen op · uitbouwen op
"We will build on last year's success."
! build one's hopes up v.
iemand hoop geven
"Don't build your hopes up about getting the job."
! build someone's hopes up v.
hoop geven · verwachtingen wekken
"She built his hopes up about the job offer."
build towards v.
opbouwen naar · werken naar
"She is building towards her goal of becoming a doctor."
build upon v.
voortbouwen op · verder bouwen op
"The new theory builds upon previous research findings."
build into v.
inbouwen · integreren
"They build sensors into the new smartphone."
build a better mousetrap v.
een betere muizenval bouwen
"She aims to build a better mousetrap with her new app."
build a case v.
een zaak opbouwen
"She needed to build a case for the new project proposal."
build a picture v.
een beeld vormen · een beeld opbouwen
"She tried to build a picture of his personality."
build bridges v.
bruggen bouwen · verbindingen leggen
"The diplomat worked hard to build bridges between the two countries."
build bridges, not walls v.
bruggen bouwen, geen muren
"The new policy aims to build bridges, not walls among different departments."
build on sand v.
op zand plannen · zonder solide basis plannen
"Their business strategy was like building on sand."
build rapport v.
een goede relatie opbouwen
"She quickly built rapport with her new colleagues."
! build someone's expectations up v.
valse hoop geven · verwachtingen wekken
"Don't build his expectations up if you can't deliver."
! build up steam v.
stoom opbouwen · momentum krijgen
"The project started to build up steam after the initial phase."

Synoniemen voor Build in het Engels

Woord & uitdrukking van de dag
Afbeelding van de dag
down jacket: jacket filled with soft feathers for insulation
Ontdek het woord
Publiciteit

Suggesties

Resultaten: 94605. Exact: 94605. Verstreken tijd: 167 ms.

Veel voorkomende woorden: 1-300, 301-600, 601-900

Frequente korte uitdrukkingen: 1-400, 401-800, 801-1200

Frequente lange uitdrukkingen: 1-400, 401-800, 801-1200