She said hello out of politeness to the colleague she barely knew.
Ze zei uit beleefdheid hallo tegen de collega die ze nauwelijks kende.
They treated the cleaners like dirt, never saying thank you or hello.
Ze behandelden de schoonmakers als vuil en zeiden nooit dank je of hallo.
Sammy, tell your uncles hello like I taught you.
Sammy, zeg je gooms dag, zoals ik het je geleerd heb.
She looked me in the eye when she said hello.
Ze keek me recht in de ogen en zei goede dag.
The bellhop greeted each guest with a smile and friendly hello.
De piccolo begroette elke gast met een glimlach en een vriendelijk hallo.
Budding friendships often start with a simple hello and a shared smile.
Ontluikende vriendschappen beginnen vaak met een simpel hallo en een gedeelde glimlach.
I knew there was trouble brewing when the neighbours stopped saying hello.
Ik wist dat er onweer in de lucht hing toen de buren geen hallo meer zeiden.
A common way to greet someone in the morning is by saying hello.
Een veelgebruikte manier om iemand's ochtends te begroeten is gewoon hallo zeggen.
Yes, hello. I need a shoeshine for my husband.
Hallo, ik wil de schoenen van m'n man laten poetsen.
The bubbly girl always greets strangers with a warm hello.
Dat vrolijke, sprankelende meisje begroet onbekenden altijd met een warme hallo.
We said a quick hello, went our separate ways.
We zeiden snel hallo, en gingen onze eigen weg.
It can be hello with a lot of miles between us.
Het kan hallo zijn met heel veel mijlen tussen ons.
And I don't... even think you said hello.
En ik denk dat je niet eens hallo hebt gezegd.