Lightning flashed overhead, followed by a low rumble of thunder.
Bliksem flitste boven ons, gevolgd door een zacht rommelende donder.
A pulsing light flashed in the distance, drawing our attention.
In de verte flitste een pulserend licht dat meteen onze aandacht trok.
Lights on the police cruiser flashed as it approached the accident scene.
De lichten van de politieauto flitsten terwijl hij het ongeval naderde.
They bathed in the limelight as cameras flashed at the film premiere.
Zij baadden in de schijnwerpers terwijl camera's flitsten bij de filmpremière.
The memory of their first kiss flashed through her mind unexpectedly.
De herinnering aan hun eerste kus schoot onverwacht door haar hoofd.
A strange question suddenly flashed through his mind during the lecture.
Tijdens het college schoot er opeens een vreemde vraag door zijn hoofd.
A possible solution flashed through his mind while he was falling asleep.
Een mogelijke oplossing schoot door zijn hoofd terwijl hij in slaap viel.
A fast-moving projection flashed across the surface in the dark room.
Een snel bewegende projectie schoot over het oppervlak in de donkere ruimte.
Lightning flashed across the sky, illuminating the night for a moment.
Bliksem schoot door de lucht en verlichtte de nacht heel even.
The idea flashed past my mind before I decided to write it down.
Het idee schoot door mijn hoofd voordat ik besloot het op te schrijven.
A funny joke flashed up in his mind and made him laugh unexpectedly.
Een grappige mop schoot hem te binnen en hij moest onverwacht lachen.
The brightly lit billboard flashed colorful ads along the busy highway.
Het fel verlichte reclamebord flitste kleurrijke advertenties langs de drukke snelweg.
The image of her smile flashed past his eyes suddenly.
Het beeld van haar glimlach flitste plotseling voor zijn ogen voorbij.