Download for Windows Premium
Publiciteit
put
/pʊt/
To buy a house, they put away funds regularly without fail.
Om een huis te kunnen kopen zetten ze trouw geld opzij.
We put the beans in to soak so they will cook faster.
We zetten de bonen in de week zodat ze sneller gaar zijn.
Clouds slowly started to put a shadow on the playground.
Langzaam begonnen wolken het speelplein in de schaduw te leggen.
Please put the book back in its place after reading it.
Leg het boek na het lezen weer netjes op zijn plek.
I put a cheese single on my sandwich every morning before school.
Ik doe elke ochtend voor school een plakje smeltkaas op mijn boterham.
The child put on a backpack before heading to school.
Het kind deed een rugzak om voordat het naar school vertrok.
She put on her crash helmet and buckled the strap tightly.
Ze zette haar valhelm op en trok de kinband stevig vast.
The blog post was put on-line to reach a wider audience.
De blogpost is online gezet om een groter publiek te bereiken.
The security personnel was put on standby during the celebrity visit.
De beveiliging werd stand-by gezet tijdens het bezoek van de beroemdheid.
Our team put to use innovative strategies to win the competition.
Ons team zette innovatieve strategieën in om de wedstrijd te winnen.
The suspicious email put the entire office on its toes immediately.
De verdachte e-mail zette het hele kantoor meteen op zijn hoede.
To end the conversation, she gently put down the handset.
Om het gesprek te beëindigen legde ze de hoorn voorzichtig terug.
The astronaut put on his space helmet before heading outside the shuttle.
De astronaut zette zijn ruimtehelm op voordat hij de shuttle verliet.
Er zijn geen resultaten gevonden voor deze term.

Uitdrukkingen met put: voorbeelden en bijbehorende vertalingen in het Nederlands

put in v.
stoppen · plaatsen
"She put in the keys into her bag."
put it on v.
aantrekken · omdoen
"She told him to put it on before going outside."
put on v.
aantrekken · aandoen
"She put on her favorite dress."
put down v.
neerleggen · plaatsen
"She put down the book on the table."
put it in one's pocket v.
in de zak stoppen
"He put it in his pocket and walked away."
put out v.
blussen · uitdoen
"He rushed to put out the fire in the kitchen."
! put to bed v.
naar bed brengen · te slapen leggen
"She put the baby to bed at 8 PM."
put together v.
in elkaar zetten · assembleren
"She put together the new furniture."
put up v.
ophangen · monteren
"She put up the curtains in the living room."
put a hold on v.
opschorten · pauzeren
"They put a hold on the project until further notice."
put a match to v.
aansteken
"He put a match to the dry leaves."
put a name to v.
een naam verbinden aan
"I couldn't put a name to his face at first."
put a price on v.
de prijs bepalen · een prijs vaststellen
"They put a price on the old painting."
put a shadow on v.
een schaduw werpen
"The tree put a shadow on the garden."
put a spell on v.
betoveren · vervloeken
"The witch put a spell on the prince."
put around v.
omdoen · omheen leggen
"She put around the scarf on her neck."
put before v.
bovenstellen · prioriteren
"She always puts her family before her job."
put behind one v.
achter zich laten
"He managed to put behind him the loss of his job."
put down as v.
noteren als · opschrijven als
"He put her name down as a volunteer."
put down for v.
opschrijven · noteren
"She put me down for volunteering at the event."

Synoniemen voor put in het Engels

Woord & uitdrukking van de dag
Afbeelding van de dag
chalkboard: dark board for writing with chalk
Ontdek het woord
Publiciteit

Suggesties

put on +10k
put up +10k
put it on +10k
put out +10k
put in +10k

Resultaten: 488617. Exact: 488617. Verstreken tijd: 402 ms.

Veel voorkomende woorden: 1-300, 301-600, 601-900

Frequente korte uitdrukkingen: 1-400, 401-800, 801-1200

Frequente lange uitdrukkingen: 1-400, 401-800, 801-1200