I will spare the time to help you move this weekend.
Ik maak dit weekend tijd vrij om je te helpen verhuizen.
I plead with you to help me in this difficult time.
Ik smeek je om me te helpen in deze moeilijke tijd.
Their team developed a robotic assistant to help with daily tasks.
Hun team ontwikkelde een hulprobot om te ondersteunen bij dagelijkse taken.
She readily agreed to help with the project without any hesitation.
Ze stemde zonder aarzelen toe om bij het project te helpen.
His reading glasses help him see the small print in books.
Zijn leesbril helpt hem de kleine lettertjes in boeken te lezen.
A sturdy walking frame can help prevent falls in older adults.
Een stevige rollator kan helpen om vallen bij ouderen te voorkomen.
We will do everything we can to help you move forward.
We zullen er alles aan doen om je verder te helpen.
Without hesitation, they left the burning building to help others.
Zonder aarzelen verlieten ze het brandende gebouw om anderen te helpen.
A good word game can help improve spelling and lexical skills.
Een goed woordspel kan helpen om spelling en taalgevoel te verbeteren.
A personal allowance is usually given to help with routine spending.
Zakgeld wordt meestal gegeven om de gewone uitgaven te helpen dekken.
His intent to help was evident in every action he took.
Zijn bedoeling om te helpen bleek uit alles wat hij deed.
The ironing cloth was damp to help remove the creases better.
De vochtige strijkdoek hielp om de kreukels beter weg te krijgen.
She decided to do likewise when her friend offered to help.
Ze besloot hetzelfde te doen toen haar vriendin aanbood te helpen.